Ondernemend Veenendaal

Algemeen

Algemeen 

Extra activiteiten op bedrijventerreinen en het winkelcentrum worden meestal gevat onder de noemer (bedrijven) parkmanagement en binnenstadsmanagement. Het betreft hier activiteiten bovenop de gemeentelijke inspanningen. Bij parkmanagement en binnenstads-management moet dus gedacht worden aan beveiliging, evenementen, promotie, inrichting, schoonmaak, bereikbaarheid, bulkinkoop (energie, telecom) etc. Voor 2008 werden de kosten hiervan opgebracht door verenigingen van eigenaren en de winkeliersverenigingen. Het aantal freeriders (niet meebetalen, wel profiteren) nam echter sterk toe door filialisering en de afname van lokale bedrijven. Veel ondernemersverenigingen kampen met dit probleem, waardoor initiatieven niet van de grond komen. De vorming van een Ondernemersfonds geeft deze initiatieven een impuls. Bovendien leert de ervaring in andere gemeenten dat het de betrokkenheid van ondernemers bij hun omgeving vergroot.

Inmiddels zijn er reeds Ondernemersfondsen gevormd in grote steden als Leiden en Nijmegen, maar ook in veel kleinere gemeenten. Soms op basis van reclamebelasting, maar ook in de vorm van verhoging OZB of een Bedrijven Investerings Zone (BIZ). De belastingen worden door de gemeenten geheven en gestort in een Ondernemersfonds. Op deze wijze betalen vrijwel alle ondernemers in een gebied mee aan collectieve activiteiten.

Hoe is het Ondernemersfonds gevormd?

Sinds 2006 onderzoekt de werkgroep Ondernemersfonds de mogelijkheden om een Ondernemersfonds in Veenendaal in te voeren. De werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van ondernemersorganisaties, de wethouder EZ en ambtelijke ondersteuning. Begin 2007 is de keuze gevallen op de reclamebelasting om een Ondernemersfonds te financieren. Daarvoor werd een haalbaarheidsonderzoek door bureau Legitiem uitgevoerd en de ondernemersorganisaties hebben een draagvlakonderzoek uitgevoerd onder bedrijven en winkels. Vanwege de goede resultaten van beide onderzoeken hebben de ondernemersorganisaties een verzoek ingediend bij het college om reclamebelasting in te voeren ten behoeve van een Ondernemersfonds. Daarop heeft het college positief beslist. Inmiddels is de Gemeenteraad op 13 december 2007 akkoord gegaan met invoering van de reclamebelasting t.b.v. het Ondernemersfonds.

Waarom reclamebelasting?

Zoals in de memo commissie Werk is omschreven zijn er drie mogelijke heffingen, die vorming van een Ondernemersfonds mogelijk maken: de OZB niet-woningen, Reclamebelasting en de Business Improvement Districts (in Nederland BIZ genaamd). Daarbij is uitgegaan van het principe “door en voor ondernemers”. De werkgroep Ondernemersfonds is van mening dat reclamebelasting voor Veenendaal de beste mogelijkheden biedt. De Bedrijven Investerings Zones (BIZ), waarvoor het Ministerie van Economische Zaken in 2010 een pilot heeft aangekondigd, worden in het gunstigste geval in 2012 omgezet in reguliere wetgeving. De verhoging OZB niet-woningen levert onvoldoende op voor het winkelcentrum en moet gemeentebreed worden opgelegd. Ook ondernemers buiten de bedrijventerreinen en het winkelcentrum worden dus aangeslagen, terwijl zij hiervan weinig terug zullen zien in de vorm van parkmanagement of binnenstads-management. De reclamebelasting kan echter per deelgebied worden opgelegd en levert voldoende op volgens het Haalbaarheidsonderzoek van bureau Legitiem.

Wat doen de ondernemersverenigingen?

De ondernemersverenigingen, zoals winkeliers- en horecaverenigingen in de binnenstad en coöperatieve verenigingen op de bedrijventerreinen, zijn feitelijk de direct belanghebbenden van het Ondernemersfonds. Het is immers een fonds “voor en door ondernemers”. Zij kunnen op basis van de Uitvoeringsovereenkomst tussen de Gemeente en de Stichting Ondernemersfonds plannen indienen ter financiering vanuit het Ondernemersfonds. Aan het begin van elk jaar worden de trekkingsrechten van elk gebied bekendgemaakt. Ter hoogte van dat bedrag kan vervolgens een activiteitenplan en begroting worden voorgelegd aan de Stichting Ondernemersfonds, die deze zal toetsen aan de Uitvoeringsovereenkomst. Als deze akkoord zijn kan toestemming worden verleend en tot uitvoering worden overgegaan. De kosten worden vervolgens uit het Ondernemersfonds betaald. Indien nodig kan bij de opstelling en uitvoering van de activiteiten een beroep gedaan worden op de Binnenstadsmanager of de Parkmanager.